Wat is een normale bloeddruk?

Vanaf welke waarden wordt gesproken van een verhoogde bloeddruk of een te hoge bloeddruk is precies gedefinieerd. Het varieert echter per leeftijd van de patiënt. Om echt een betrouwbare beoordeling te kunnen geven, is het dan ook belangrijk om de bloeddruk meerdere keren te meten. Een enkele waarde kan gemakkelijk een afwijking geven door bijvoorbeeld een verkeerde meting. Daarbij komt dat de bloeddruk tijdelijk kan zijn verhoogd door onder andere medicijnen of lichamelijke inspanning.

Indeling van de bloeddrukwaarden volgens de WHO-richtlijnen

Over het algemeen geldt dat er alleen een betrouwbare conclusie over een aanwezige hypertensie mogelijk is, wanneer er drie metingen op verschillende momenten en op drie verschillende dagen een verhoogde waarde geven. Vanaf welke waarden de bloeddruk is verhoogd, kunt u zien in de volgende tabel:

Gradatie bloeddruk Systolisch Diastolisch
bron: WHO
Normaal 120-129 mmHg 80-84 mmHg
Hoognormaal 130-139 mmHg 85-89 mmHg
Hypertensie graad I (licht verhoogde bloeddruk) 140-159 mmHg 90-99 mmHg
Hypertensie graad II (matig verhoogde bloeddruk) 160-179 mmHg 100-109 mmHg
Hypertensie graad III (ernstig verhoogde bloeddruk) Meer als 180 mmHg Meer als 110 mmHg
Geïsoleerde systolische hypertensie Meer als 140 mmHg Minder als 90 mmHg

Artsen onderscheiden bij de indeling van de bloeddruk zes delicate fases en houden daarbij altijd rekening met de afzonderlijke systolische en diastolische waarde. Er is namelijk niet alleen een hoge bloeddruk aanwezig als beide waarden gelijkmatig zijn verhoogd, maar ook wanneer één waarde boven de normale norm ligt. De optimale waarden voor een bloeddruk is volgens de normen van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) 120/80 mmHg. Tussen een systolische waarde van 129 mmHg en een diastolische waarde van 84 mmHg ligt de bloeddruk echter nog steeds op een normaal niveau.

Van hypotensie, oftewel te lage bloeddruk, spreekt men wanneer de gemeten waarden onder het normale niveau liggen. Hypotensie komt vaak tot uiting door problemen met de bloedsomloop en door vermoeidheid, maar levert gewoonlijk geen gevaar op voor de gezondheid. Wanneer u zich door deze symptomen echter beperkt voelt, dan kunt u natuurlijk altijd naar een dokter gaan voor advies. Vaak helpt het al om meer te drinken, regelmatig te bewegen en wisselbaden te nemen om zo de bloedsomloop te stimuleren.

Als hoog-normaal wordt een waarde beschouwd van 130 tot 139 mmHg in de systole en 85 tot 89 mmHg in de diastole. Over het algemeen wordt in dit geval aanbevolen om de bloeddrukwaarden regelmatig te controleren, zodat een te hoge bloeddruk vroegtijdig wordt ontdekt. In dit geval is dat bijzonder belangrijk, omdat er al een verhoogd risico is op een hoge bloeddruk. Een hoog-normale bloeddruk wordt soms aangeduid als borderline hypertensie, doordat het de grens is tussen een normale en verhoogde bloeddruk.

Tenslotte spreekt men van een hypertensie wanneer de bloeddruk de normale of hoog-normale waarden overschrijdt. Dit is het geval bij een systolische waarde vanaf 140 mmHg en bij een diastolische waarde vanaf 90 mmHg. Men maakt daarbij onderscheidt tussen een lichte, matige en ernstige hoge bloeddruk. Horen de systolische en diastolische waarden bij verschillende gradaties, dan wordt de bloeddruk meestal in de hoogste categorie geplaatst.

De geïsoleerde systolische hypertensie treedt vooral op bij oudere patiënten, doordat op hogere leeftijd de elasticiteit van de bloedvaten vermindert. Niettemin moet ook deze vorm van hypertensie in geen geval genegeerd worden. Het vormt net zo een groot gezondheidsrisico als een hypertensie die beide waarden betreft.